Gevaren

De meest voorkomende gezondheidsproblemen bij beeldschermwerk zijn op dit moment RSI en klachten ten gevolge van hoge werkdruk.

De term RSI (Repetitive Strain Injury) wordt gebruikt voor aandoeningen aan de handen, polsen, armen, nek en/of schouder die door het werk zijn ontstaan. RSI kan onder andere tot uiting komen in ontstekingen aan de zenuwen, spieren, gewrichten en pezen. RSI ontstaat niet direct in de ernstigste vorm, maar ontwikkelt zich in een aantal fasen.

Fase Mate waarin de klachten lokaliseerbaar zijn
Omschrijving
Fase 1 Het is duidelijk aan te wijzen waar de pijn zich bevindt Er is een duidelijke relatie tussen oorzaak (b.v. bepaalde taken) en pijn.
De pijn treedt vooral op tijdens of vlak na lang en/of stressvol werken.
De pijn voelt aan als vermoeidheid, kramp of een doof gevoel.
Fase 2 De pijn straalt ook uit naar andere lichaamsregio's Er is een minder duidelijke relatie tussen oorzaak en pijn. De pijn treedt bij allerlei taken op en houdt ook langer aan.
De pijn treedt op bij een groot aantal verschillende werkzaamheden.
Nauwkeurig werk is vaak lastig, er is regelmatig sprake van krachtsverlies.
De pijn treedt ook `s avonds op, men kan `s nachts soms wakker worden van de pijn.
In de ochtend is men lokaal stijf.
De pijn voelt aan als grote vermoeidheid, irritatie of tintelingen.
Fase 3 De pijn is deels lokaliseerbaar, maar is ook diffuus over grotere gebieden aanwezig De pijn is (vrijwel) altijd aanwezig.
De pijn treedt ook op bij niet bewegen of anders bewegen dan op het werk (b.v. ook pijn na vakantie).
Soms is er sprake van zwellingen, verandering van huidkleur en/of huidtemperatuur.
De pijn voelt aan als een `lamme arm', als zware vermoeidheid of als tintelingen.

RSI en RSI-gerelateerde klachten ontstaan bij het dagelijks, gedurende langere tijd achter elkaar uitvoeren van dezelfde of soortgelijke bewegingen, zoals bij lopendebandwerk. Er is dan sprake van repeterende bewegingen. Bij beeldschermwerkers is er sprake van een combinatie van repeterende bewegingen (van de vingers) en het ontbreken van beweging (steeds dezelfde, statische houding van de nek en schouder). Er zijn twee risicofactoren voor RSI-klachten aan te wijzen:

  • bewegingsarmoede door het langdurig aanhouden van één werkhouding, te weinig doorbreken met beweging en te weinig rustmomenten. Deze bewegingsarmoede doet zich bij beeldschermwerkers veel voor in het bovenlichaam, en in het bijzonder in de nek-, arm- en schouderspieren. Deze zijn langdurig licht aangespannen. Hierdoor neemt de doorbloeding van deze spieren af.
  • veel bewegen van de arm, pols en vingers. Tijdens de vele bewegingen bij het typen kan de ‘wrijving’ tussen spieren, pezen en botten, vooral in de elleboog en pols, oplopen. Als iemand een goede techniek heeft en bijvoorbeeld niet zijn pols achterover trekt, dan valt deze ‘wrijving’ meestal wel mee. Echter, bij een minder goede werktechniek kan de ‘wrijving’ zo hoog oplopen, dat uiteindelijk pijnklachten ontstaan. En als de doorbloeding dan niet optimaal is (doordat wordt gewerkt met aangespannen schouders), kan uiteindelijk RSI het gevolg zijn. Voor nadere info zie www.muisarm.nl